|
|
|
Er is nog hoop Er
is nog hoop maar dan moet wel het roer om Bij
muziekorganisaties geldt een vergelijkbare relatie tussen reputatie en succes.
Daarbij valt te denken aan de LMO’s en belangenorganisaties, wie het erom te
doen is verenigingen aan zich te binden om hen tot steun te zijn, en te
ondersteunen in de doelstellingen die zij nastreven. Niet minder geldt dit
echter voor organisaties zonder winstoogmerk, zoals Taptoe organisaties en
organisaties die tot doel hebben de amateurmuziek te promoten. Succes
is afhankelijk van een goede reputatie. •
De
entertainer waar onze showkorpsen onder gerekend kunnen worden •
Het
imago is deels het resultaat van een geboden product (imago van top korpsen). •
In
dat opzicht is het imago goeddeels op het verleden gebaseerd, en zal
het gunstiger zijn naarmate de klant of de doelgroep meer tevreden is. •
Anderzijds
vallen in het imago ook toekomstaspecten te onderkennen: wat verwacht de
doelgroep van het product of geleverde prestatie? •
De
beeldvorming is dus goeddeels gebaseerd op de ervaringen de verwachtingen van de
doelgroep. •
Dat
zelfde geldt echter voor de kwaliteit van een dienst of product, en toch
moeten kwaliteit en beeldvorming geenszins aan elkaar worden gelijkgesteld.
•
De
weg naar het succes vereist dus een zorgvuldige keuze vergelijkbaar met de
snelweg waar de bestemming wel snel wordt bereikt, maar de schoonheid van het
landschap nauwelijks of niet wordt waargenomen. •
De
keuze naar het succes en verwerven van het Imago loopt dus via de weg der
geleidelijkheid en een wel overwogen stappen plan. Imago
heeft alles te maken met het voeren van een goed beleid bij onze korpsen is dat
altijd twee
ledig en wel:
Van
beiden wordt een terdege inhoudelijke kennis vereist wil men de weg met succes
af leggen. Een
beleidsbepaler, amateur vereniging, een sportclub of voor een ballet, twirlers
of majorettes, zal proberen de beeldvorming bij de doelgroep te sturen,
het beeld dus te beïnvloeden. Daartoe is in de eerste plaats nodig dat hij of
zij zich bewust is van het reeds bestaande beeld. Het
imago dat de vakman van een product heeft, wijkt altijd af van het beeld
dat bij de doelgroep leeft. De vakman beschikt immers over meer, en andere,
informatie dan die doelgroep. Ook is zijn betrokkenheid geheel anders, vaak
intenser. Onderzoek onder de doelgroep kan de vakman in staat stellen afstand te
nemen van de eigen beeldvorming en de beelden die bij de doelgroep heersen,
juist beter te leren kennen. Daarbij
wordt met name gelet op twee psychologische aspecten: identificatie en associatie.
•
Met
identificatie
wordt de overeenkomst bedoeld tussen het, product- of vereniginsbeeld enerzijds
en het zelfbeeld van de verenigingslid anderzijds. •
Onder
associatie
worden de kwaliteiten verstaan die men bij het, het product of het
vereniginsbeeld meent te beleven. Komt het ons bijvoorbeeld voor als betrouwbaar
of fatsoenlijk, of hebben we juist het gevoel dat het hier om iets krakkemikkigs
of geniepigs gaat |