|


| |
Geschiedenis van de Tamboers
en Pijpers, deel drie
Door
sergeant van de mariniers Ed Oosterom Instructeur
tamboers
Tamboers
en Pijpers van het Korps Mariniers
De
huidige taken en werkzaamheden
In mijn vorige
bijdragen heb ik u verteld over het ontstaan en de ontwikkeling van de Tamboers
en Pijpers door de jaren heen. Ook in de vorige uitgave van “Defilé” zijn
er weer enkele van onze werkzaamheden aan u verduidelijkt. In aansluiting hierop
zal mijn laatste bijdrage in deze serie voornamelijk handelen over de
hedendaagse opleidingen en werkzaamheden.
De opleiding, drie fasen
Voordat de jeugdige tamboer of pijper aantreedt binnen de gelederen, heeft hij
een lange weg achter de rug.
Dit heeft alles te maken met de diverse taken die hij moet kunnen uitvoeren.
Zoals de meesten van u inmiddels weten moet hij namelijk naast zijn muzikale
werkzaamheden ook bepaalde operationele taken kunnen uitvoeren.We kunnen stellen
dat vanaf het moment dat hij voor het eerst ( als “spijkerbroek”) de
kazernepoort doorgaat, totdat hij in het gelid staat, de jonge tamboer of pijper
zo’n anderhalf jaar aan opleidingen achter de rug heeft. Hoe dit traject
verloopt, zal ik u hieronder trachten te verduidelijken.
Fase
één, de opleiding tot Marinier
Zoals gezegd zal de
nieuw aangetreden “spijkerbroek” ook moeten worden opgeleid om te kunnen
worden ingezet voor bepaalde operationele taken. De eerste opleiding die dus
moet worden gevolgd is de opleiding tot Marinier. Deze opleiding duurt voor hem
circa 22 weken en vindt plaats bij en vanuit de “van Ghentkazerne” te
Rotterdam. Hij leert hier o.a; schieten met diverse handvuurwapens en
wapensystemen, omgaan met kaart en kompas én wordt getraind tijdens diverse
velddienstoefeningen (“bivak”). Fysiek en mentaal sterker wordt hij gemaakt
door lessen “hindernisbaan”, “touwbaan”, “klimtoren” en diverse mars
en “speedmars” oefeningen. Ook krijgt hij hier al o.a. de basislessen
infanterie- exercitie, “inwendige dienst” en “rangen en standen/
eerbewijzen”.
Wanneer de aspirant
tamboer of pijper de opleiding met goed gevolg heeft voltooid zal dit worden
beloond met het uitreiken en mogen dragen van de mariniersbaret. Tevens volgt
bevordering tot marinier der tweede klasse.
Het voltooien van
deze eerste fase is de voorwaarde om door te mogen naar de volgende fase;
Fase
twee, opleiding tot chauffeur op diverse voertuigen
Het volgende
traject wat hij gaat doorlopen is het volgen van diverse rij- opleidingen.
Momenteel verkeert de opleiding tot tamboer of pijper in een fase van
modernisering en aanpassing. Op moment van het schrijven van dit artikel is nog
niet geheel bepaald op welke wijze deze fase van de opleiding ingekleed zal
worden. Duidelijk is in ieder geval dat de manschappen (“ongegradueerde”)
tamboers en pijpers, wanneer operationeel geplaatst, werkzaam zullen zijn binnen
de operationele logistiek en dan voornamelijk binnen de transport- eenheden.
Binnen het Korps
Mariniers wordt gebruik gemaakt van diverse wiel- en rupsvoertuigen. Als
voorbeeld noem ik;
De bekende
Land-rover, de Mercedes- benz, vrachtauto 4- ton/ 10- ton, de Scania met wissel
laadsysteem, het Patria gepantserd wielvoertuig en de inmiddels bekende BV
“Viking”, het rupsvoertuig wat momenteel ook wordt gebruikt door de
marinierseenheden in Afghanistan.
De opleiding zal,
naar verwachting, dan ook gericht zijn op het kunnen besturen en bedienen van
meerdere van de bovenstaande voertuigen. Wij hopen in de loop van dit jaar
hierover meer duidelijkheid te krijgen.
Duidelijk is dat we
hier in eerste instantie spreken van een opleidingsduur van ongeveer elf weken,
ook deze opleidingen moeten met goed gevolg worden doorlopen om toegelaten te
worden tot de volgende fase;
Fase drie, de opleiding tot Tamboer of Pijper
Na een lang
voortraject begint dan de daadwerkelijke opleiding tot tamboer of pijper. Deze
opleiding duurt in totaal zesendertig weken. Na deze periode beheerst de nieuw
aangetreden tamboer of pijper de basisvaardigheden om zijn werk naar behoren te
verrichten. Is hij dan volleerd? Nee! Behoudens het feit dat in mijn optiek
iemand nooit volleerd is, moet de nieuwe tamboer of pijper zich gaan bekwamen in
het zogenaamde “buitenmodel” repertoire (repertoire anders dan militair
ceremonieel). Verder moeten bijvoorbeeld de tamboers zich gaan bekwamen in
verschillende (buitenlandse) trommelstijlen.
Ik vergelijk het
altijd maar met het behalen van het rijbewijs; je haalt het “papiertje” maar
het echte rijden leer je pas in de praktijk en vooral door gewoon veel
“doen”.
Welke stof wordt er
aangereikt in de opleiding:
Om te voorkomen dat
de opleiding een eentonig karakter krijgt (het verkrijgen van bepaalde
vaardigheden vergt nu eenmaal veel herhaling) proberen we het lesrooster zo
afwisselend mogelijk te houden. Naast de vakken die ik hieronder zal beschrijven
zijn er , in ieder geval, per week vier lesuren sport (dinsdag
en donderdag) ingeroosterd. Daarnaast plannen we waar mogelijk ook
lesuren in voor bijvoorbeeld het bijhouden van de schietvaardigheid of een les
hindernis en/ of touwbaan. Hiernaast blijft het bijhouden van de fysieke
vaardigheden ook de verantwoording van de man zelf. Voor het kunnen en mogen
volgen van bijvoorbeeld een carrièreopleiding (korporaal) is dit een vereiste.
De muzikale stof
waar de toekomstig tamboer of pijper zich in moet “vastbijten”:
Het “hoofdvak”
betreft voor de tamboer uiteraard het “slaan” en voor de pijper het fluiten.
Beide moeten zich tevens gaan bekwamen op de signaalhoorn. In tegenstelling tot
vroegere tijden worden de beginselen hiervan aangeleerd op de (bes) trompet. In
het verleden was men, met alleen de signaalhoorn, redelijk beperkt in de
lesstof. Door middel van lessen op de trompet is de stof tegenwoordig meer
gevarieerd en dus interessanter voor de leerling geworden. Verder worden er veel
lesuren besteed aan theorie muziek en solfège en/ of ritmisch dictee. In
aansluiting op de mariniersopleiding krijgt men voorgezette lessen exercitie en
ceremonieel. Dit laatste omdat de tamboer of pijper een meer dan gemiddelde
kennis dient bezitten van de voorschriften en gebruiken op dat gebied. Veelal
zijn zij, wat ceremonieel betreft, een vraagbaak voor het overige personeel in
aanloop naar en tijdens vooroefeningen van ceremoniële diensten. Tot slot zijn
er een aantal lessen geschiedenis welke betrekking hebben op o.a. ontwikkeling
van diverse orkestvormen, muziekinstrumenten en uiteraard de oorsprong en
ontwikkeling van de militaire muziek.
Muzikale
taken
In tegenstelling
tot de meeste orkesten is het zo dat de Tamboers en Pijpers niet altijd met de
volledige personele bezetting optreden. De samenstelling en oorspronkelijke
taken, alsmede de (door bezuinigingen) kleinere bezetting brengen dit met zich
mee. Anderzijds is dit echter ook de kracht van onze eenheid. Door te werken met
groepen van bijvoorbeeld vier of zes man (evenredig verdeeld tussen tamboers en
pijpers) gebeurt het zeer regelmatig dat wij meerdere ceremoniële gelegenheden,
op diverse plaatsen in en buiten Nederland en op het zelfde tijdstip, kunnen
ondersteunen. Op deze manier komt het zelden voor dat wij een aanvraag tot
ondersteuning negatief moeten beantwoorden. Dit laatste is overigens iets wat
ook volledig tegen onze natuur indruist! Ik zal vervolgen met een opsomming van
voorbeelden van onze diverse werkzaamheden en de uitvoering daarvan.
Diensten met Tamboers en
Pijpers
De diensten die
door ons worden uitgevoerd zijn divers van aard. Zoals gezegd gebeurd dit soms
met groepen van vier, zes of twaalf man. Wanneer de gelegenheid daarom vraagt
maar vooral wanneer de personele bezetting het toelaat zullen wij optreden met
de volledige eenheid van twintig man (inclusief tamboer-maître).
Ter indicatie; in
2008 werden er vijfendertig diensten uitgevoerd in kleinere groepen en
vijfenveertig als volledige eenheid ( dit laatste inclusief de diensten
gezamenlijk met de Marinierskapel).
Bij ceremonieel op
scholen van de krijgsmacht komt het, zeker wanneer het binnen in een gebouw is,
voor dat er relatief weinig ruimte is voor grotere eenheden. Werken met vier of
zes man biedt dan uitkomst. Bij deze diensten moet u denken aan beëdigingen van
kleinere groepen militairen, een ceremoniële vlaggenparade, ontvangst van
belangrijk bezoek op een kazerne of aan boord van Hr.Ms. schepen, enz. Ook bij
een uitvaart met militair ceremonieel kan het voorkomen dat er op een
begraafplaats relatief weinig ruimte is. Het is dan eenvoudigweg soms niet
mogelijk om met een grotere groep te werken. Overigens worden alle uitvaarten
van onderofficieren en manschappen muzikaal ondersteund door ons. Slechts bij de
uitvaart van militairen met de rang van officier wordt daarbij tevens de
Marinierskapel ingezet.
Diensten
gezamenlijk met de Marinierskapel
De diensten samen
met de Marinierskapel der Koninklijke Marine zijn waarschijnlijk wel de meest in
het oog springende. Het zijn natuurlijk ook vaak deze diensten die “in het
openbaar” worden uitgevoerd. Uiteraard noem ik de Nationale Taptoe en de
traditionele taptoes o.a. in Den Helder ter gelegenheid van Koninginnedag of de
“Marinedagen”. Verder ziet men ons gezamenlijk bij o.a. de opening van de
Staten- Generaal en diverse voorkomende erewachten bij staatsbezoeken of het
aanbieden van geloofsbrieven aan Hare Majesteit de Koningin.
Diensten als hoornblazer/
blaasgroep
Een aspect waar in
de opleiding veel aandacht aan wordt besteed is het optreden als individuele
hoornblazer. Ook dit is een veelvuldig voorkomende dienstverrichting voor de
individuele tamboer of pijper.
Ter indicatie; In
2008 waren er vijftig diensten voor een hoornblazer of de “blaasgroep”.
Uiteraard is dit
vaak zichtbaar tijdens de diverse dodenherdenkingen rondom vier mei. Verder bij
een uitvaart met militaire eer van actief dienende militairen waar men aan het
einde van de plechtigheid het taptoesignaal blaast. Misschien wat minder bekend
is dat ook als groep hoornblazers kan worden opgetreden.
Dit gebeurd op de
zogenaamde klaroenen (bes- as). Veelal wordt de blaasgroep ingezet voor het
spelen van korte “fanfares” ter gelegenheid van bijzondere gebeurtenissen
(bijvoorbeeld openingen van tentoonstellingen of bij het binnentreden van een
hoogwaardigheidsbekleder).
Diensten
als Steelband
Een niet meer weg
te denken onderdeel van de Tamboers en Pijpers is de “Steelband van het Korps
Mariniers”.
De Steelband
bestaat uit tien man en is ook wekelijks onderweg voor diverse optredens. Dit
zijn optredens bij besloten gelegenheden van de krijgsmacht maar juist ook zeer
veel in het openbaar. Ter indicatie; in 2008 werd de steelband ruim 50 keer
ingezet. Veelvuldig worden zij bijvoorbeeld ingezet in combinatie met onderdelen
van de afdeling voorlichting. Dit gebeurd in alle voorkomende plaatsen in ons
land en veelal in het weekeinde. Juist dan vinden natuurlijk de meeste
manifestaties plaats. Uiteraard is de steelband ook altijd te vinden op de
“Marinedagen” waar zij diverse optredens per dag verzorgd. In het kader van
de ruimte zal ik mij nu beperken tot deze beknopte uitleg, in een latere uitgave
kom ik hier graag een keer op terug.
Diensten
in het Caribische gebied
De diensten op de
Nederlandse Antillen en Aruba zijn over het algemeen te vergelijken met de
meeste diensten in Nederland. Ook hier vinden er bijvoorbeeld beëdigingen
plaats. Verder o.a. de nationale dodenherdenking en ook regelmatig ontvangsten
van hoogwaardigheidsbekleders. Dit gebeurd als groep Tamboers en Pijpers maar
vaak ook als individuele hoornblazer.
Ter indicatie; In
2008 waren er twintig diensten voor de collega’s in de Nederlandse Antillen
en/ of Aruba.
Een in het oog
springende gebeurtenis is op zowel Curaçao als Aruba de zogenaamde “opening
van de staten”, een vergelijkbare gebeurtenis als de opening van de Staten
Generaal in Nederland. Ook hier maken de Tamboers en Pijpers uiteraard deel uit
van de gewapende wacht bij aankomst en vertrek van de gouverneur. De gouverneurs
van zowel Curaçao als Aruba ontvangen dan overigens hetzelfde eerbewijs als
Hare Majesteit de Koningin; de “Parademars” en het “Wilhelmus”. Dit
vanwege het feit dat de respectievelijke gouverneurs de officiële
vertegenwoordigers zijn van Hare Majesteit.
Het grote verschil
bij het dienen in “de west” is erin gelegen dat het uitvoeren van (muzikale)
“diensten” hier geen hoofd- maar een neventaak is. Tamboers en pijpers
dienen op functies bij de daar gestationeerde infanteriecompagnie of op functies
binnen de kazerneorganisatie. Zij zijn zelf verantwoordelijk voor het bijhouden
van de muzikale vakbekwaamheid. De collega’s op beide eilanden hebben
regelmatig overleg en beleggen gezamenlijke repetities voorafgaande aan
belangrijke gebeurtenissen. Dit laatste vanwege het feit dat bij “grotere”
gelegenheden de tamboers en pijpers van beide eilanden gezamenlijk moeten kunnen
optreden.
Voor mij was dit
het laatste artikel in een serie van drie over onze eenheid waar ik nu ruim drieëntwintig
jaar bij mag dienen. Ik hoop dat u genoegen heeft beleefd aan het lezen van mijn
bijdragen. Wanneer u nog vragen heeft met betrekking tot onze eenheid zal ik die
altijd graag beantwoorden. Wanneer u vragen stelt via de redactie zullen deze
vanzelf bij mij terecht komen zodat ik u kan voorzien van de gevraagde
informatie.
|